Nederland dagboek 20171004

Peru - Arequipa - El CathedralZiek in Peru

Het was in de laatste weken van augustus dat ik last kreeg van een flinke verkoudheid. Nu heb ik dat niet zo vaak, gemiddeld maar eens per jaar. Dat is niet zo erg, alleen vervelend, maar dit keer had ik er toch meer last van dan anders. Nu kreeg ik ook last van ontstoken ogen. Ze waren dik, opgezwollen en rood. Dat was een week voor mijn vertrek naar het zuid-Amerikaanse land Peru. Een rondreis van drie weken die ik al in januari van dit jaar geboekt had. Enigszins verontrust maakte ik een afspraak met de huisarts. Nog de zelfde dag kon ik langskomen bij zijn vervanger, want de assistente zei aan de telefoon dat ze erg voorzichtig was met ogen. Ik kreeg oogdruppels voorgeschreven. De zelfde dag ben ik begonnen met druppelen. Na enkele dagen werden mijn ogen beter en voelden minder gezwollen aan. Ik vraag me dan altijd af, komt dat dan door de werking van die oogdruppels, of is dat de natuurlijke genezing. We zullen het nooit weten. De verkoudheid zelf bleef aanhouden. Nu is het vaak zo dat bij een verkoudheid mijn gehoor wat slechter wordt, dat is normaal. Maar nu werd ik zowat doof aan beide oren. Het was ook zo dat het nog maar enkele dagen duurde voor het vertrek naar Peru. Enerzijds had ik de hoop dat mijn verkoudheid wel beter zou worden, op de eerste dagen van de reis. Ook had ik de hoop dat het met mijn oren al snel beter zou gaan. Toch maakte ik mij nerveus hoe dat zou gaan, vliegen gedurende 13 uur met verstopte buizen van Eustachius. De dag voor vertrek, op een maandagmorgen, belde ik opnieuw met de assistente van de huisarts. Helaas zat het spreekuur van de huisarts voor die dag al vol, maar ik kon langskomen bij de assistente. Zij zou wel controleren of er geen oorsmeer in mijn gehoorgang zat. Fijn, dacht ik, dan kijkt er iemand met een lampje in mijn oor. Een eventueel begin van een oorontsteking is dan te zien aan de kleur van het trommelvlies. Ja, ze vond in een oor een klein beetje oorsmeer en meer preventief heeft de assistente beide oren schoongespoten. Het vliegen met verstopte buizen van Eustachius was volgens haar niet pijnlijk of gevaarlijk. Ze raadde mij aan een neusspray met Xylometazoline te gaan kopen bij de apotheek.

Nog steeds zowat doof aan beide oren en met de neusspray in de handbagage arriveerde ik op Schiphol. Ik was nerveus wat er bij het opstijgen met mijn oren zou gebeuren ten gevolge van de luchtdrukverschillen. Tot mijn opluchting merkte ik totaal niets van het drukverschil bij het opstijgen. Zelfs geen ploppen of knakken wat ik anders merk bij het slikken in een vliegtuig. Tot mijn verbazing leken mijn oren het op de hoogte van 10000 meter zelfs iets beter te doen. Na de landing was deze verbetering verdwenen en ik was weer even doof als eerst.

Als ik last van mijn oren heb, vind ik spreken ook vervelend en vermoeiend. Je hoort jezelf haast niet of heel vreemd en ik had moeite met articuleren. Dat maakte de communicatie met mijn nieuwe reisgenoten ook niet makkelijker. Ik verstond ze nauwelijks en zeker die zeven mensen uit Belgie haast helemaal niet. Direct bij het eerste voorstelrondje in de groep heb ik gezegd dat ik tijdelijke problemen met mijn gehoor had, zodat iedereen wist dat eventueel asociaal gedrag niet zo bedoeld was. Verder voelde ik me nog steeds niet lekker, was ik vermoeid en had behoefte aan veel slaap.

De eerste tien dagen van de rondreis was een periode van overleven. Nog steeds hoorde ik nauwelijks wat er gezegd werd en het verstopte gevoel in het hoofd maakte mij gedeprimeerd. Vaak had ik na een reisdag en na aankomst in het volgende hotel geen enkele zin meer om iets te doen. Na het betrekken van de kamer ging ik vaak direct naar bed en maakte een lange nacht tot aan de volgende ochtend. Dat was dan soms een nacht van wel 12 of 14 uur. Overdag maakte ik het programma wel mee, maar genoot er minder van. Mijn enige afleiding tijdens de reis overdag was foto’s maken van de interessante dingen op de stopplaatsen en de omgeving.
Na enkele dagen ging ik mij in het algemeen wat beter voelen, en heel misschien een beetje verbetering in de werking van mijn oren. Het was pas op de tiende dag dat mijn linker oor een beetje normaal ging functioneren. Opeens kon ik nu veel beter horen wat er om heen gebeurde. Twee dagen daarna ging mijn rechter oor met sprongen vooruit. Dus na ongeveer twee weken reizen in Peru was mijn gehoor hersteld. Ik ervaarde deze winst als een zegen en pas nu kon ik de reis volledig op mij inlaten werken. Het was ook in deze dagen dat er volop hoogtepunten in de reis zaten. Mooi vond ik de dagen bij en op het Titicacameer. Op dat hoog gelegen meer hebben we drie eilanden bezocht en een nacht doorgebracht bij een familie thuis.

Ongeveer in de laatste week sloeg de verkoudheid opnieuw in alle hevigheid toe. Steeds kreeg ik hoestbuien en ik had het benauwd. Sabbelen op een snoepje helpt tegen de hoest. Het enige wat ik kon vinden wat er op leek waren de coca-candy’s. Een paar zakken heb ik leeggegeten en dat hielp enigszins, overdag dan. ‘s Nachts hoestte ik de buren in aangrenzende hotelkamers wakker. En door de verstopte neus had ik het benauwd. De nachten waren lang en hevig. Maar mijn oren bleven het nog steeds doen.

Het hoogtepunt van de reis zou het bezoek van Macchu Picchu moeten zijn. Helaas waren de weersvooruitzichten zeer ongunstig voor die dag. Hierdoor hebben we het beroemde Macchu Picchu gezien in mistflarden en tijdens een gestage, kille regenbui. Hoestend en snotterend en drijfnat van de regen heb ik achter de gids aangelopen voor de verplichte rondtour van twee uur. Daarna was het pas mogelijk om op eigen gelegenheid het archeologische complex van de Inca’s te bekijken. Het slechte weer en doordat er nauwelijks uitzicht was door de laaghangende mist, maakte dat niet aantrekkelijk. Daardoor heeft bijna iedereen het bezoek voortijdig afgebroken en heeft de pendelbus terug gepakt en is de warmte en droogte gaan opzoeken in het overnachtingsdorpje Aqua Caliente dat 1000 meter lager ligt.

Met mijn mijn oren ging het uitstekend tot aan het vertrek met de binnenlandse vlucht van Cusco naar Lima. Wel had ik veel zakdoeken en coca-candy’s nodig. Na de landing op Peru deed het linker oor het maar half en rechts was weer zo goed als doof. De paar uur die we nog moesten doorbrengen in Lima in afwachting van de transatlantische vlucht naar Amsterdam vond ik niet prettig. Ook bij de landing op Schiphol was ik weer zo goed als doof aan beide oren. Na deze reis van drie weken heb ik thuis uiterst rustig aan gedaan. Ook door de verkoudheid die nog steeds niet helemaal over was en de resterende vermoeidheid sliep ik thuis nog steeds veel. Omdat ik mij voornamelijk nog zeer onprettig voelde door het gevoel van een hoofd in de watten, heb ik veel zaken buitenshuis nog even uitgesteld. Direct de dag na terugkomst had ik mij direct weer kunnen melden bij de hardlooptraining, maar ik kon het nog niet aan en ben thuis gebleven en ging steeds vroeg naar bed. Vier dagen na aankomst had ik de yogalessen weer kunnen oppakken, maar op die morgen ben ik bed blijven liggen en ben pas een week later gegaan.

Na een week thuis heb ik maar weer eens de assistente van de huisarts gebeld voor een afspraak te maken voor een consult over mijn oren. Helaas als ik de vragen: hebt u pijn, hebt u koorts, met ‘nee’ beantwoord, krijg ik het advies om eerst een week neusspray te gaan gebruiken en een week te gaan ‘stomen’. Teleurgesteld ga ik weer naar de apotheek om neusspray te gaan halen; waar ze me vervolgens doorverwijzen naar het Kruidvat.

Ondertussen, twee weken na terugkomst uit Peru gaat het beter met mijn oren. De linkerkant doet het bijna normaal en in de rechterkant zit flinke verbetering. Het hangt er vanaf hoe ik mijn hoofd houd. ‘s Morgensvroeg direct na het opstaan doen beide oren het perfect. Ik geniet van het geluid dat mijn blote voeten maken op het tapijt in mijn slaapkamer. Als ik het toilet doorspoel, schrik ik van het harde geluid. Enkele minuten daarna gaat mijn rechteroor het weer wat minder doen. Ik ben nu in de overtuiging dat de tijd het beste geneesmiddel is. Na een week lang drie maal daags stomen boven een bak met heet water en onder een handdoek en viermaal daags inhaleren op de neusspray, heb ik daar geen enkele verbetering door opgemerkt. Ik laat nu de natuur zijn werk doen en heb de hoop dat over ongeveer een week beide oren het weer goed doen. Ondertussen ben ik bezig de tweeduizend foto’s van Peru te bekijken en te sorteren, daar is geen geluid bij nodig.

Lang geleden kwam ik eens in Egypte een reisgenote tegen die steeds zei: “vakantie is geen pretje!”.  Ze zei dat op een manier die grappig was. Ze bedoelde er mee dat zo’n rondreis hard werken is. Het is vaak vroeg opstaan, lang in de bus zitten, met bagage slepen, lange dagen maken, uitkijken met wat je eet en drinkt en toch een beetje afzien. Deze reis heb ik nog vaak aan haar woorden gedacht.
Tijdens de reis waren er nog vier andere ziektegevallen. Zeker één man kreeg last van de grote hoogte en moest met spoed naar een lager gelegen ziekenhuis vervoerd worden. Zijn vrouw was ook niet lekker, maar had geen ziekenhuisopname nodig. Dan was er nog een andere reizigster die op een hoog gelegen plaats een zuurstoffles nodig had. Tenslotte nog een dame die iets verkeerds gegeten had en drie dagen lang in een hotel is achtergebleven, terwijl de rest op het Titicacameer zat. Kortom: vakantie is geen pretje.


Om het volledige verhaal uit Peru te lezen, klik hier.
Om de speciale website te bezoeken die ik over de Peru Experience gemaakt heb, klik hier.
Om een selectie van de foto’s in een hoge kwaliteit te zien, klik hier.


<< vorige                                                                                             volgende >>

 

Comments are closed