Nederland dagboek 20180621

Boek: 'vlucht naar Paramaribo'Promotie

Een boek in eigen beheer uitgeven lijkt heel eenvoudig. Je stuurt het manuscript naar de uitgeverij, krijgt de drukproeven ter inzage en dan stuur je de correcties terug. Maar bij het nalezen van de drukproeven bleef ik steeds kleine foutjes vinden, steeds na het doorlezen van alle pagina’s kwam ik weer niet eerder ontdekte spelfouten en interpunctiefouten tegen. Vlak voor de ‘deadline’ van de drukkerij dacht ik: ‘zo moet het dan maar’.

Enkele weken daarna kwam een expeditiebedrijf een paar dozen bezorgen met ingebonden werk van ‘Vlucht naar Paramaribo’. Toen besefte ik dat het echte werk nu moest gaan gebeuren. De boeken zouden verkocht moeten worden. De veronderstelling dat ik er rijk van zou worden heb ik nooit gehad, maar wel de doelstelling dat ik moet proberen de investering terug te verdienen.

Eerst heb ik een mailing naar zoveel mogelijk vrienden en kennissen verstuurd om iedereen attent te maken op het verschijnen van mijn boek. Tot mijn vreugde kwamen hier de eerste bestellingen uit voort. Vervolgens heb ik een exemplaar van het boek bij de koffiebar van de omroep in Berg en Dal neergezet, een plaats waar per week zeker 50 mensen komen die mij kennen. Ook uit deze hoek kwamen weldra de eerste bestellingen. Een kennis die wel vaker met de schrijvende pers zaken doet, zei: “schrijf maar een persbericht over je boek dan zorg ik wel dat het op de juiste plaatsen terecht komt. Nog nooit eerder had ik een persbericht geschreven, dus ik deed er ruim een week over om iets te bedenken. Maar vanaf dat moment leek alles in een stroomversnelling te geraken.

De regionale schrijvende pers meldde zich en ik kreeg een uitnodiging voor een interview van het dagblad ‘De Gelderlander’. Nog geen week later heb ik bijna twee uur gesproken met een freelance verslaggever en een fotograaf over het boek en mijn ervaringen in Suriname. Vervolgens word ik uitgenodigd om bij de lokale omroep in het nieuwsprogramma om de zaterdagmiddag mijn boek te bespreken. De presentator had zich ingelezen in het boek en stelde de juiste vragen.

Iemand met wie ik het over het boek had, zei: “waar lig je?” Ik begreep dat hij bedoelde in welke boekhandels ligt het boek. Daaruit begreep ik dat het noodzakelijk was de plaatselijke boekhandels te bezoeken met de vraag of mijn boek bij hun op de tafels, schappen en etalage mag. Gelijk had ik een nieuwe term erbij geleerd: ‘een boek in consignatie’.

Als eerste heb ik stapeltje exemplaren naar de Bruna boekhandel in Groesbeek gebracht. Tot mijn verbazing was het binnen een uur geregeld, de levering, de formulieren en de prijsafspraken. Voor de volgende stap koos ik voor een grotere boekhandel, Dekker v.d. Vegt in het centrum van Nijmegen. Deze zaak heeft een grote collectie reisboeken en uitstaltafels, ik vond dat het daar wel zou passen. Toen ik mij bij de informatiebalie meldde kreeg ik een e-mail adres mee van de medewerker die over ‘boeken in consignatie’ zou gaan. Het antwoord op mijn e-mail liet op zich wachten. Daarom ging ik nog maar eens persoonlijk naar de boekhandel terug met een zichtexemplaar bij de hand. Nu trof ik een dame achter de informatiebalie, die snel door het boek bladerde en zei: “dat is leuk, wanneer kun je er meer brengen”. Toen was het snel geregeld, de boeken geleverd, dus nu ligt het bij Dekker v.d. Vegt in Nijmegen.

Dat krantenartikel moest ook nog steeds komen. Toen ik nog eens bij de verslaggever ging navragen schreef die terug: “het ligt bij de hoofdredactie, het wordt heel binnenkort geplaatst”. Twee dagen later krijg ik van een kennis een mail met de tekst: “ leuk verhaal in de krant, zal ik de Gelderland vanavond voor je meenemen?” De publicatie van een hele pagina in de regio-editie, met foto, op 19 juni was een verrassing.

Nog dezelfde dag krijg ik een mail van een kennis die ik lang niet gezien had, met een bestelling van een exemplaar van het boek. ‘s Avonds op de dinsdagavond training bij de atletiekvereniging word ik door een paar mensen aangesproken die het verhaal al gelezen hebben of nog alleen maar de kop in de krant. Zelf had ik al bedacht dat er misschien een mooie verkoopgelegenheid is op het Keti Koti festival dat op de komende zaterdag zal plaatsvinden in het Afrika Museum in Berg en Dal. Het is de jaarlijkse viering van de afschaffing van de slavernij in Suriname. Een gezellig festival op het buitenterrein, waar ik zelf vele keren geweest ben. Doordat er die dag duizenden mensen die een band met Suriname hebben het festival bezoeken, is dat de gelegenheid om het boek in de aandacht te brengen en liefst te verkopen.

In de voorafgaande week had ik al een mail gestuurd naar de mevrouw die over de inkoop van boeken voor de museumwinkel gaat. Twee dagen van te voren ga ik persoonlijk weer eens langs het museum met achter in de auto een doos met boeken. De betreffende mevrouw herkent mij door de foto in de krant. Ze bladdert even door het boek en belooft op het festival een flinke stapel op een prominente plaats in de winkel te plaatsen. We maken een mondelinge afspraak over de prijs en het is geregeld.

Ik kijk uit naar het Keti Koti festival deze komende zaterdag, met de livemuziek, de kramen, het Surinaams eten, de komst van Surinaamse gasten, de verhalen en de sfeer. Net zoals vorige jaar zal ik mij dan weer thuis wanen in het warme Suriname. De tafel in de winkel met mijn stapeltje boeken zal ik in de gaten houden en kijken wat er aan het eind van dag van over is.

Wilt u het betreffende krantenartikel in De Gelderlander lezen?
Tik dan in Google maar eens de zoekwoorden in:
het bizarre leven in Suriname


<< vorige                                                                                                volgende >>

Comments are closed